St-Paulus zwijgt

Gelukkig horen we meestal goede dingen over het St-Paulusschooltje in Kortrijk. Want sinds we ons dochtertje daar gingen inschrijven heb ik toch wat vreemde bedenkingen gehad. Op de inschrijvingsdag hadden we een fijn gesprekje met de directeur tijdens het invullen van allerlei papierwerk. Maar wel volledig in plat West-Vlaams. Nu ben ik zelf we een geboren en getogen West-Vlaming, maar ik spreek dat meestal niet tegen mensen die ik nog niet eerder ontmoet heb en waarvan ik weet dat ze het verstaan. En dan nog. En ik verwacht het zeker niet van een directeur van een school bij een eerste kennismaking. Gokken dat iedereen die zijn kind in een school inschrijft in de regio woont is misschien nog aanvaardbaar. Gokken dat ze ook allemaal dialect spreken lijkt me minder verantwoord. Vooral omdat wij zelf geen dialect spreken. Ook een tweetal meer dan duidelijke hints (“wordt hier aandacht besteed aan een deftig taalgebruik” en “wat is hier de voertaal: AN of dialect”) brachten geen verandering. In dialect werd ons meegedeeld dat de leraars mooi Algemeen Nederlands spraken. tsja…

We bezochten die dag ook een klasje en ik herinner me dat ik daar buitenliep en tegen mijn vrouw een bedenkelijk gezicht trok. Veel zin om mijn kind daar achter te laten had ik niet. Een beetje een ouderwets verzuurd sfeertje dat me niet meteen enthousiast maakte. Gelukkig hoorde ik achteraf dat ik net het “slechtste voorbeeld” was tegengekomen. Denkend aan mijn schooltijd als aaneenrijging van slechte voorbeelden die fin de carrière waren en die uitgeblust en tegen hun gedacht nog de laatste jaren uitstrompelden had ik toch wat twijfels in mijn hart.

Nu, we schreven ons meisje in ieder geval in. De laatste maanden krijgen we geregeld mooie postkaartjes en briefjes van scholen in de omgeving die ons helder uitleggen hoe ze werken en dat we zeer welkom zijn met ons kind. Tegelijk horen we van onze shcool: niets. Absolute stilte. Maandag na het verlof is de eerste schooldag en als ouders weten absoluut niet wat er te gebeuren staat. Wanneer moeten we daar zijn, waar moet het meisje naartoe, in welk klasje, wat moet ze bij zich hebben, … Tientallen vragen die met een eenvoudig briefje konden beantwoord zijn, maar waar we nu mee blijven zitten. Telefoneren heeft geen zin, want de telefoon wordt niet meteen opgenomen. En deze week, tijdens het verlof al helemaal niet.

We zullen zien maandag, maar veel hoop geeft het niet…

Update 3/3/9:

Het mag gezegd: de opvang was prima geregeld. Aan de schoolpoort stond de directeur ons op te wachten met een beker koffie (ik moet toch eens leren koffiedrinken medunkt). Daarna nam hij ons mee naar het klasje, waar de juf ons erg vriendelijk ontving. ‘s Avonds kwam een blije dochter terug naar huis en vanochtend ging ze met veel plezier terug naar school. Wat een erg goed teken is voor een ontdooiertje als ons meisje. Alsnog een pluim voor de school!

Handblazers – het onderzoek

Onderzoek aan de University of Westminster (London) bevestigt eerdere berichtgeving van webzucht.

Persoonlijk proefondervindelijk onderzoek maakte van mij niet echt een voorstander van de heteluchtdrogers in sanitaire ruimtes. Die dingen werkten altijd maar half, stondken en maakten vooral meer lawaai dan droge handen. waardoor ik dan toch steeds mijn handen liep af te drogen aan mijn broek of de stoel van een collega…

Een warme stroom mensenlucht die met zachte kracht mijn handen omvat en afdroogt. Kompleet met restjes geur van onverteerde etensresten. Ravioli met pikante tomatensaus.

Vandaag lees ik in de krant : “van alle methodes om na het wassen de handen te drogen, is die met de heteluchtdroger de ongezondste”. er werden 3 opstellingen getest. De gewone heteluchtdroger (die je dus ook overal tegenkomt in wegrestaurants en toiletten te lande – op voorwaarde dat ze al geen ondergepist handdoekje aan een ring hanteren) verhoogde (u leest goed: verHOOGDE) het aantal bacteriën op de vingertoppen met 186 procent, en op de handpalmen met 230 procent. Tsja, daar sta je dan. Je kan beter op je handen plassen en ze droogschudden…

Bij de moderne hogesnelheidsdroger, waarbij lucht aan 600 km/uur over je handen wordt gejaagd, verhoogde het aantal bacteriën op je vingertoppen met 53 procent en op de handpalmen met 9 procent. Niet slecht, maar toch nog altijd vervuilender dan niet je handen drogen (en wassen).

Als ik hevig zwetend even wegloop uit ons met airconditoning constant op 25 graden Celcius gehouden kantoor, dan is het laatste wat ik verlang na een verkwikkende handspoeling wel een machine die onder het produceren van een oorverdovend lawaai hete lucht over mijn handen spuwt.

Enkel bij de methode waarbij de testpersonen hun handen droogden aan papieren handdoekjes, zakte het aantal bacterën. Het slechte resultaat van de heteluchtmachinerie zit voornamelijk in het feit dat ze de warme lucht aanzuigen uit de toiletruimte, waar de bacteriën natuurlijk al vrij spel hebben. Daarom worden die blazers ook niet gebruitk in ziekenhuizen en woon- en zorgcentra. De doekjes zijn natuurlijk niet zo fluks voor het milieu

(de quotes komen uit de geciteerde webzuchttekst van 2002)

Slaapdeprivatie

Een mens haalt dan eens een baby in huis, omdat dat zo schattig is en zo… Had er wel niet bij stilgestaan dat het mannetje gespecialiseerd zou zijn in KGB en Pinochetachtige marteltechnieken. De eerste maanden waren het hevigst: om de drie uur borstvoeding, en tussendoor nog even een straffe reflux-aanval. Zodat je maanden aan een stuk om het uur wakker was voor een half uurtje. Deed me wat denken aan aan experiment dat een vriend ook toepaste op een jeugdverenigingskamp in het thema ‘overlevingstechnieken’ of ‘SAS training’ of iets in die aard. Daarbij moesten die gastjes zware fysieke arbeid verrichten in de vorm van tunnels delven. ‘s Nachts werden ze dan plots weer uit hun bed gehaald om die putten dicht te gooien. De slaaptekorten in combinatie met de nutteloosheid van het werk zorgden ervoor dat de meeste redelijk snel geestelijk gekraakt waren en huilend om hun mama riepen. Het experiment werd dan ook al snel stilgelegd.

Onze kleine kampleider thuis geeft het niet zo snel op. Na negen maanden nachtelijke excercities is het wel wat rustiger geworden in onze slaap, maar menig is de nacht waarin de stilte wordt doorkrijst met een ongelooflijk uithoudingsvermogen. Waarna vader of moeder na een uur of twee geschreeuw toch maar naar boven trekken om te zien wat er gedaan kan worden. Meestal niet veel. Maar het opgebouwde slaaptekort begint de vader toch wat parten te spelen. Ik keek even op wikipedia en vond toch een aantal van de gevolgen die me ook niet vreemd aandoen:

  • Pijnlijke spieren : tsja, mijn rug vermoordt me bijna, al heeft dat ook wat te zien met de versleten stoelen op bureau
  • Wazig zicht: durf ik met momenten ook wel eens te hebben, alsook zwartwit zicht, sterren, kleurfouten en diepteverandering op tempo van mijn hartslag.
  • Donkere cirkels onder de ogen. Nogal niet!
  • Slaperigheid overdag: hmmm, valt nog mee, al zijn de denkprocessen nogal eens vertraagd. Ik voel me in ieder geval niet zo erg fris overdag. Als moet ik zeggen dat ik nooit meer in slaap dreig te vallen in de auto. Ook niet als ik om drie uur ‘s nachts na een lange dag van een evenement van Hasselt terug naar Kortrijk rijd. Vreemd maar fijn!
  • Verminderde concentratie: schuldig.
  • Delirium: heb ik natuurlijk al heel mijn leven in een handig werkbare versie. (Een leven dat door een combinatie van slaaphondeninstinct en snurkende broer eigenlijk een tekstboekvoorbeeld van slaaptekort is)
  • Trillende handen: normaal niet, al is er een korte periode geweest met zoveel nachtelijk lawaai, dat ik mijn vork niet meer zonder trillingen naar mijn mond kon brengen.
  • Irritateerbaarheid. Vraag maar na bij vrouwlief.
  • Geheugenverlies: Daar durf ik nogal eens last van hebben. Dingen gelezen of besproken hebben en de dag erna absoluut niet meer weten. Triest eigenlijk. Maar ik blijf moedig geloven dat dat terugkomt.
  • Verzwakt immuunsysteem: misschien daarom dat ik de griep te pakken kreeg met het eindejaar. Daarvoor was het alweer 6 jaar geleden dat ik voor iets bij de dokter langsging.
  • Gewichtstoename. Welwel, de pens is in ieder geval niet verkleind de laatste maanden.

Gelukkig heb ik nog niet meteen last van persoonlijkheidsveranderingen, duizeligheid, ADHD, slaapverlamming overdag, psychoses en ander fraais. Misschien omdat ik wel al eens met oordoppen slaap en ik dus toch een aantal zaken niet hoor. Al blijft dat bovenvernoemde slaaphondeninstinct me parten spelen in mijn slaap. Het is genoeg dat een auto parkeert in de straat en ik heb het gehoord. Maar de dochter van tweeënhalf slaapt toch al mooi door het klokje rond. Dat geeft hoop. Ergens toch nog jammer dat onze kindertjes geen flesjes drinken voor het slapengaan (op andere momenten ook niet trouwens). Dan kon ik er desgewenst nog een kasteelbier of guinness doormixen.

update 14/11: ik heb vanochtend voor het eerst het mannetje moeten wakker maken rond zeven uur. Het lag nog vrolijk te snurken; volledig weg van de wereld. Zou hij stiekem ook al webzucht lezen? En een beetje beschaamd zijn?

update 14/02/09: die vorige update was dus wat voorbarig. Nog 1 keer geslapen tot rond zeven uur, maar dat was het dan…

Van snot tot prot

Gisteren met een hele familiale posse naar Technopolis getrokken in Mechelen. Daar loopt heden “Van Snot tot Prot“, een leuke inleefexpositie rond alle menselijke excrementen. Geestig!

Nog het meest genoten van de blijvende tentoonstelling. Hopen fysica en leuke wetenschappelijke rariteiten zo inzichtelijk voorgesteld dat je er oprecht vrolijk van wordt. De hyperbolen van de wiskundeles ooit, liggen nu veel aangenamer in mijn hoofd. Ik kan me er zowaar iets moois bij voorstellen. Ik vrees dat er een fyscia-enthousiast aan mij verloren is gegaan door een resem mottige, geen goesting meer hebbende leerkrachten wiskunde en fysica. Gedorie.

Ik liep dan ook even enthousiast als mijn dochtertje van tweeënhalf door de gangen, kwam overal aan en spatterde vol vreugde met alle wateractiviteiten. Ik moet trouwens dringend wat projecten opzetten rond zaken die ik daar zag!

Misschien toch maar lid worden van de Boormiekes!

boormiekes

boormiekes

Belgacom Zuigt

Beetje triestig: mijn ouders willen draadloos internet laten installeren. Ze gaan naar Belgacom. Vader werkt boven aan zijn bureau. Datalijnen komen beneden in living binnen. Twee verdiepen daartussen. En dus wat ook wat beton en steen. Of dat een probleem zou zijn? Welnee meneer, dat zal prima gaan! Ze komen de wifi installeren. Ik ga eens kijken. Een site met enkel tekst openen duurt een minuut of 3. Een kleine foto downloaden een kwartiertje. Ik probeer maar geen youtube filmpje te bekijken. Anders moet ik vandaag beginnen bufferen en morgen eens gaan kijken of het al volledig binnen is.
Triestig vind ik dat. Mensen in hun gezicht bedriegen omdat ze er niet veel van kennen.
Belgacom zuigt stevig.

Gisteren kom ik daar langs met mijn laptop. Hee denk ik, laat ons eens kijken naar de beveiliging van hun netwerk. (Ook beloofd). Tarara: nul de botten. Niks beveiliging: gewoon een volledig open netwerk waar iedereen zomaar opkan. Bedriegers…
Lekker jaja knikken naar de mensen en je er dan zo snel en slordig mogelijk van af maken. Hoe lang duurt dat nu om een eenvoudige WEP-beveiliging in te stellen, of tenminste een wachtwoord voor de router in te stellen? Of dat ze het dan tenminste zeggen dat het niet beveiligd is en dat je signaal op zolder quasi noppes zal zijn. Of stel een signaalversterker voor of zo. Maar niet zo flauw liegen en bedriegen.
Gewoon omdat je denkt dat het kan…

Nooit gedacht

Gisteren eerder bij toeval een stukje gezien van het Canvas programma Nooit Gedacht. Gast van de avond in de schimmige kelder van Rik Torfs was Bart De Wever. En hoewel ik niet echt een fan ben van De Wever, heb ik toch met interesse zitten kijken.

Ten eerste omdat Bart De Wever daar sprak in een stijl die je niet zo vaak ziet op tv. Geen dogma’s ontwijkend: god noch emotionele vlotheid, politieke gronden noch eetgewoonten. Met zijn typische ietwat lijzige blik die bijna geen emotie toont spreekt hij toch over dingen die hem erg raken zonder rond de pot te draaien. Op televisie voor heel Vlaanderen. Ik zou zelf een stuk ontwijkender zijn denk ik, zelfs al ben ik geen openbaar politiek figuur. Maar het siert hem wel vind ik. Zeggen wat je denkt, zelfs als je weet dat het verkeerd kan worden opgevat of pijn doet. Voor anderen of voor jezelf. Niet iedereen komt op tv vertellen dat hij zijn vrouw te weinig liefde kan geven omdat hij het moeilijk heeft met het uiten van emoties en gevoelens. Of over zijn eetgewoontes en negatiegedrag daarrond. Mooi om te volgen.

Ten tweede voor de stijl van het gesprek. Dit is geen primetime televisie meer (stuk later) dus is er wellicht meer tijd. Maar wat een verademing na de onbenullige arrogante en eigen egostrelende staccato-interviews van de Pharas en Thielemansen van deze wereld. Waar gasten geen kans krijgen om een antwoord te geven behalve ja of neen op sterk insinuerende vragen van de interviewer die wil tonen het gesprek strak te leiden en de kijker aan het handje mee te nemen naar de ultieme waarheid. Alsof we in een binaire wereld leven.
Torfs (die nochtans moet opletten voor teveel verschijningen op het scherm en teveel olijkheid in allerlei kwisprogramma’s) weet te charmeren met zijn rustig gestelde maar daarom niet oppervlakkige of lieve vragen. Net door zijn begrijpende charisma weet hij de gast verder te brengen dan een spervuur dat je verdediging op scherp houdt.
Ik heb er echt van genoten.

100 dinges om te doen en zo

Een mens moet wat, dus vullen we snel de dingen aan die we al deden:

1. Started your own blog – (1999, vanuit Nederland toen nog)
2. Slept under the stars – (wel wel, in een park in Madeira bijvoorbeeld)
3. Played in a band – (in meerdere bands zelfs – Giant Dwars, Specs, Magik Magda, Sergeant Sixpack)
4. Visited Hawaii
5. Watched a meteor shower
6. Given more than you can afford to charity (Greenpeace en zo)
7.
Been to Disneyland (Gelukkig is er Parijs)
8. Climbed a mountain (Besneeuwde toppen in China)
9. Held a praying mantis (maar moest dat hier meer voorkomen, dan zeker. Gewone sprinkhanen heb ik zelfs al gegeten)
10. Sang a solo (Als je in een band speelt, dan zing je ook wel eens)
11. Bungee jumped
12. Visited Paris (en hoe!)
13. Watched a lightning storm at sea (ik bezie het Comomeer hier even als binnenzee…)
14. Taught yourself an art from scratch (als de man van de 1000 hobbies: meermaals)
15. Adopted a child
16.
Had food poisoning (mensen die hetzelfde aten als ik wel, maar mijn maag kon wel tegen een stootje)
17. Walked to the top of the Statue of Liberty (wel vanop een paar meter afstand bekeken)
18.
Grown your own vegetables (momenteel evenwel enkel nog kruiden)
19. Seen the Mona Lisa in France (Al herinner ik me er niet eens veel van)
20. Slept on an overnight train (slapen is veel gezegd op de lawaaierige treinen in China, maar toch duizende kilometer per nachttrein afgelegd)
21. Had a pillow fight
22. Hitch hiked (kwestie van goedkoop en zo)
23. Taken a sick day when you’re not ill (als school telt)
24.
Built a snow fort (in ieder geval een erg uit de kluiten gewassen iglo)
25. Held a lamb (zelfs een volledig schaap in mijn nek)
26. Gone skinny dipping
27. Run a Marathon
28. Ridden in a gondola in Venice (een mens moet wat in Venetie)
29. Seen a total eclipse
30. Watched a sunrise or sunset
31. Hit a home run (Als de sportles op school telt toch)
32. Been on a cruise
33. Seen Niagara Falls in person
34. Visited the birthplace of your ancestors (niet zo moeilijk eigenlijk)
35. Seen an Amish community
36. Taught yourself a new language (ooit Esperanto, nu wat halfslachtig bezig met Arabisch)
37.
Had enough money to be truly satisfied (ook niet zoveel nodig om dat te zijn)
38. Seen the Leaning Tower of Pisa in person
39. Gone rock climbing
40.
Seen Michelangelos David
41. Sung karaoke (1 keer maar denk ik)
42. Seen Old Faithful geyser erupt (zelfs geen idee waar dat is)
43. Bought a stranger a meal at a restaurant
44. Visited Africa (niet veel verder geraakt dan Tunesie, maar soit)
45. Walked on a beach by moonlight
46.
Been transported in an ambulance (je bent jong en je wildt wat)
47. Had your portrait painted (toch getekend, geschetst en gekarikaturiseerd en zo)
48. Gone deep sea fishing
49. Seen the Sistine Chapel in person (ik hoor van wel, maar veel zegt het niet meer)
50. Been to the top of the Eiffel Tower in Paris (en geldstukjes naar beneden gegooid om de wet van de valsnelheid te tarten via passerende toeristen onderaan)
51. Gone scuba diving or snorkeling
52. Kissed in the rain
53. Played in the mud
54. Gone to a drive-in theater
55. Been in a movie (wel geen al te hoog niveau)
56. Visited the Great Wall of China (kilometers lang over gewandeld en gekropen)
57.
Started a business (voor de ijdelheid reken ik hier een studentenblad aan de unief bij)
58. Taken a martial arts class (karate, tai chi, kung-fu, ninjitsu)
59. Visited Russia
60. Served at a soup kitchen
61. Sold Girl Scout Cookies
62. Gone whale watching
63. Got flowers for no reason
64. Donated blood, platelets or plasma
65. Gone sky diving
66. Visited a Nazi Concentration Camp
67. Bounced a check
68. Flown in a helicopter
69. Saved a favorite childhood toy
70. Visited the Lincoln Memorial
71. Eaten Caviar
72. Pieced a quilt
73. Stood in Times Square
74. Toured the Everglades
75.
Been fired from a job (ik reken hier het niet verlengen van een tijdelijk contract bij)
76. Seen the Changing of the Guards in London
77. Broken a bone (ekel en pols)
78. Been on a speeding motorcycle (een Yamaha 1200 cc, over Vlaamsche wegen)
79. Seen the Grand Canyon in person
80.
Published a book (wel verschenen in een gepubliceerd werk)
81. Visited the Vatican
82. Bought a brand new car
83. Walked in Jerusalem
84. Had your picture in the newspaper (Als preses op de universiteit)
85.
Read the entire Bible (maar uit taalinteresse toch wel grote stukken ervan)
86. Visited the White House
87. Killed and prepared an animal for eating (kip)
88.
Had chickenpox (dacht ik wel toch)
89. Saved someone’s life (als redder in zwembad kindertjes opgevist)
90. Sat on a jury (als een boekenjury meetelt)
91. Met someone famous (zelfs op podium gestaan met Tom Barman)
92. Joined a book club (op school)
93. Lost a loved one (een broer bijvoorbeeld)
94. Had a baby
95. Seen the Alamo in person
96. Swam in the Great Salt Lake
97. Been involved in a law suit
98. Owned a cell phone (tsja)
99.
Been stung by a bee (ook door een wesp, en van die smerige dazen in Vrankrijk!)
100. Read an entire book in one day (meerdere per dag toen ik jong was, en ik zou het nog durven)

Pers en webinteractiviteit

Gisteren even langsgeweest op de debatavond rond journalistiek en webinteractie. Een organisatie van B-JIT (Belgian Journalists on Information Technology) en 3C. In de hippe kantoren van HP in Diegem. Fijn voorbereid met 10 stellingen over de interactie tussen pers, publiek en pr-bedrijven.
Web 2.0: wat is dit? Krijgen we een revolutie in de communicatie?
Stelling 1. Woordvoerders, pr-bedrijven én knipseldiensten houden enkel rekening met print.
Stelling 2. Snelheid is belangrijk op websites: quick en dirty. Bronnen worden amper gecheckt.
Stelling 3. Iedereen kan op artikels reageren. Vaak anoniem. Dat moet zo blijven omdat er anders minder reacties zijn.
Stelling 4. Woordvoerders en bedrijfsleiders onthouden zich van commentaar op websites.
Stelling 5. Kwetsende reacties worden niet verwijderd. De uitgever kan niet aansprakelijk gesteld worden.
Stelling 6. Wie bewust zijn reactie ondertekent met de naam van iemand anders, kan niet vervolgd worden.
Stelling 7. Het verwijderen van reacties gaat in tegen de vrijheid van meningsuiting.
Stelling 8. Recht van antwoord op websites is onbestaande. Rechtzettingen worden gewoon aangepast in de tekst zonder de aanduiding van rechtzetting.
Stelling 9. Positieve en promotionele reacties zijn gratuite reclame. Die moeten verwijderd worden.
Stelling 10. Bloggers zijn journalisten. Zij bepalen eveneens het nieuws. Woordvoerders moeten er rekening mee houden.
Moderator van dienst was Luc Blyaert van B-JIT en tevens hoofdredacteur Data News.
De rest van het panel zag er als volgt uit:
Dominique Deckmyn, Hoofdredacteur, De Standaard Online
Daniel Fesler, Partner, BakerMCKenzie (juridische duiding)
Gert Asselman, Communication Consultant, Outsource (visie communicatieman)
Eric Fobelets, Managing Director, Ammco (visie knipseldienst)
Jos Grobben, Hoofdredacteur Internet, Roularta
Zeer bondig overzicht:
Stelling 1. Volmondig neen!
Stelling 2. Ja en neen. Snelheid is inderdaad van essentie. Berichten gaan er vliegensvlug op (zie ook de spellings- en inhoudelijke fouten van Belga die wijd verspreid worden), maar worden daarna zo snel mogelijk aangevuld met duiding, achtergrond, video, foto en interviews. Snelheid primeert op het net, maar niet ten koste van alles.
Stelling 3. Tsja. Er is eigenlijk geen anonimiteit. IP adressen worden bijgehouden, of je moet geregistreerd zijn om te reageren. Daarnaast ook moderatie van alle reacties. Er zullen wellicht wat minder reacties zijn als anonimiteit niet geldt, maar de vraag is vooral welke reacties er dan verdwijnen?
Stelling 4. Soms wordt er al eens gereageerd door een bedrijfsleider. Blijft gevaarlijke kwestie op het internet. Daarnaast geldt voor beursgenoteerde bedrijven ook informatieregels die ze verplichten om iedereen op de hoogte te brengen als ze informeren, en dus niet enkel in een commentaar van 1 bepaalde site.
Stelling 5. De uitgever kan zeker aansprakelijk gesteld worden. Ik onthoud (met stevige vereenvoudiging!) 2 grote pistes. Ofwel modereert de uitgever de reacties (alle of sommige): dan is hij verantwoordelijk voor de inhoud van de wél gepubliceerde berichten. Ofwel modereert uitgever niet. Dan is hij pas verantwoordelijk vanaf het moment dat hij op de hoogte wordt gesteld van ongewenste berichten op zijn site. Maar uiteindelijk vindt de verantwoordelijkheid voor wat op jouw domein wordt gehost je toch. Blijft dus een heikele kwestie.
Stelling 6. Mis, schrijven onder andermans naam is een inbreuk en schriftvervalsing. Meteen strafbaar dus.
Stelling 7. Eigenlijk niet. Vrijheid van meningsuiting is niet absoluut. Het is ook niet zo dat je mensen hun vrijheid op menig afpakt als je hun reactie verwijdert op je site. Ze kunnen nog steeds zelf een blog beginnen, of hun mening op andere manieren ventileren.
Stelling 8. Open kwestie. Bij een blog heb je niet de mogelijkheid van print om een duidelijk recht van antwoord op dezelfde plaats te printen voor alle lezers. Berichten op een blog of nieuwssite schuiven door naar beneden, met instroom van nieuwe berichten. Daarnaast blijft ook alles voor een lange tijd hangen in de Google cache, zodat je met bepaalde zoektermen toch nog de foute informatie kan bovenhalen. Berichten worden dus zo snel mogelijk zelf aangepast en eventueel geanoteerd met ‘update’. Wel niet altijd duidelijk wat er oorspronkelijk stond en wat er later mee gebeurde. ‘Wie schrijft die blijft’ is niet volledig toepasbaar op het web.
Stelling 9. Er is een duidelijk verschil tussen positieve berichten en promotionele bericthen. De laatste kunenn snel verwijderd worden; de eerst komen hoogst zelden voor. (Zeker op nieuwssites, waar blijkbaar enkel zuurpruimen hun ideeën de vrije loop laten).
Stelling 10. Hmmm… fijne discussie hier. Gaande van “bloggers bepalen mee het nieuws” tot “blogs zijn de poëzieboekjes van deze tijd: pathetische navelstaarderij zonder enige nieuws- noch toekomstwaarde”. En dan spreken we nog niet over ontwikkelingen als Twitter.

World Creativity Forum

In het hokje naast mij ontlast iemand zich met een wansmakelijke (en luide) lange wind van zijn overtollige rectale ballast. Geprikkeld door nieuwsgierigheid naar de producent van zo’n voos geluid, neem ik mijn device, zet de radar op en krijg meteen een naam, foto en functie.

WCF 2008

Welkom in de wondere wereld van het World Creativity Forum. Het toestel waarvan sprake is het leuke congresspeelgoed ‘Spot Me’. Enkele fijne functies van het bakje: een constant geüpdatete agenda met alle lezingen, sprekers en locaties, een kaart van het gebouw, een gelinkte lijst van alle deelnemers, waarbij je interessante contacten kan aanduiden zodat je bakje begint te trillen bij fysieke nabijheid (met handige zoekfunctie in meter afstand tot persoon) een mailsysteem om berichte te sturen naar kennissen, een notablok gelinkt aan sessies en personen, een businesskaartjesuitwisselaar en natuurlijk de radar die je toont wie zich op welke afstand van jou bevindt. Een ideale kruising tussen informatie en vrolijk makend speelgoed.

Wat de inhoud van het World Creativity Forum betreft: 1400 mensen kunnen zich niet vergissen zou je denken. Een kort overzicht in een haastig bijeengekrabbeld relaas:

DAG 1

Keynote
John Cleese “The Importance of Creativity”. Altijd leuk om zo’n legende te horen spreken, zeker als de inhoud ook goed is. En natuurlijk op een typisch spitse Britse wijze gebracht. (Zijn hoorbare neusademhaling was niet altijd zo fijn om te volgen, maar soit).
Alex Steffen “Building a Bright Green Future”. OK, goed gebracht, leuke presentatie op scherm met vrolijke kriebelschetsjes, maar niet dodelijk aangrijpend qua lezing. Ik denk dat de man meer in zijn mars heeft als hij een langere toespraak kan houden.

Roaring twenties (lezingen van 20 minuten)
Jef Staes “My organisation is a Jungle”. Te vrijblijvende, zich in goedkope metaforen verliezende aanklacht tegen niet-innovatieve organisaties.
Theo Janssen “Strandbeest – making new life”. Geestig, leuke machines en zalig om te zien hoe iemand met volle overtuiging een project trekt. Inspirerend als tussendoortje, verder niet zoveel inhoud.

Keynote
Martin Heylen “How To Avoid a Slamming Door”. Hilarische Man Bijt hond filmpjes gebracht door een sympathieke man. Leuk om naar te luisteren (Engelse grammatica deed me wel pijn aan de oren). Wel niet zoveel wereldschokkende inhoud. Was ook niet plan denk ik.

Quickshare Sessions (sessies van 7 minuten)
Arnoud Raskin “Streetwize”. De man speelt een filmpje af dat net iets langer duurt dan zijn toegemeten tijdsbestek: weinig over te zeggen dus.
Pink Ladies “Pink”. Over roze taxies. Zwak, slecht gepresenteerd en overbodig.
Jean-Pierre Loquet “Small is Beautiful”. Poging tot vlotte vulgarisatie van technospeak: mislukt.
Dirk Callaerts “The Future of 3D-Scanning”. Leuke gadget, verder vooral promospeak.
Francesco Merisio “Technology meets Design”. Inhoudsloze prut verpakt in onverstaanbaar Italiaans Engels. Gewoonweg weggelopen.
Johnny Chung Lee “Wii-remote hacking”. Ha! Fijne man. Ons natuurlijk al bekend van zijn heerlijke Youtube filmpjes. Gaat dat zien.

Keynote
Steve Wozniak “On Founding Apple”. Op zich wel leuke toespraak. Klonk wel een beetje alsof de man het verhaal al een keer of 300 had verteld dit jaar. Heeft ie wellicht ook gedaan. Boodschap: doe wat je graag doet en gá ervoor. Een boodschap die je wel vaker hoort op dit soort evenementen. De dichte drommen enthousiastelingen die er niet in slaagde hun idee tot een miljoenenbedrijf om te zetten, waar werden uitgespuwd door de maatschappij zie je natuurlijk nooit op het podium. Zij zouden wellicht een voorzichtiger verhaal vertellen, dat ook best leerrijk zou kunnen zijn. Anyways, respect to the Woz.

DAG 2:

Keynote
Tom Kelly “Innovation by Design”. Fijne man die ook goede dingen te delen had. Als General Manager van IDEO heeft hij wel al wat vernieuwingsprojecten zien passeren. Goede speech waar je ook wat mee aankan in het leven en werk. Ik heb alvast zijn boek –the 10 faces of Innovation – gekocht (en lekker laten signeren in de Azur Boekenstand).

Roaring twenties
David Edwards “Creativity in the post-google generation”. Beetje van een hopeloos gedateerd post-modernistisch verhaal dat zich verloor in ongewenste details.
An De Jonghe “How Web 2.0 will Change Your Daily Life”. Ik had eigenlijk wat meer verwacht van deze Web 2.0 specialist. Vond deze lezing een iets te generalistisch overzicht van de linkedIns en Twitters van deze tijd, zonder praktische wenken om die te gebruiken in de praktijk. Mocht wel op een forum als dit vind ik. Benieuwd naar wat haar boek zal te melden hebben als het binnenkort uitkomt.
Devon Reid “Poetry as Paradigm Shifter”. Gezien het begin me niet erg boeide ben ik weggelopen om wat dringende telefoons te doen. Kan ik dus niet echt over meespreken. Ik hoor nochtans dat het niet zo slecht was.

Keynote
Dan Heath “Why do some ideas thrive, while others die?”. De auteur van “Made To Stick” – ook nog snel gekocht in de boekenwinkel, en natuurlijk laten signeren voor de show. Wat een presentator! Echt een spreker van een professioneel niveau dat je helaas erg weinig ziet. Soms op het randje van volledig afgelikt, maar dan toch weer mooi voorbereid met actuele cases uit België en verwijzingen naar sites van deelnemende bedrijven. Ook inhoudelijk sterk. Praktische tips om je marketing boodschap de kracht van een urban legend mee te geven.

Quickshare Sessions
Richard Stomp “Streetcombing”. Vind ik geestiger op het net dan live. De site blijft een aanrader voor frisse ideeën.
Danny Godderis. Ik herinner me niet zoveel van deze speech. Teken aan de wand?
Pepe Zapata: over een analogie tussen de Catalaanse keuken van El Bulli met creatieve projecten rond koken (ook voor kinderen). Leuk, niets meer.

Chris Anderson
(foto geript van Peter Burgaard - mooi beeld zaal)

Keynote
Chris Anderson “New Business Models for the Economics of Abundance in the Digital information Economy”. De hoofdredacteur van het immer fijne Wired Magazine wist duidelijk waarover hij stond te spreken. Hij zit dan ook al jaren in de sector. Voor mij persoonlijk werkgerelateerd was dit de meest verfrissende sessie. Over de shift in paradigma van verkoop van goederen naar een alles-gratis economie, en hoe je daar, bijvoorbeeld als uitgever, ook nog geld moet aan verdienen. Ook hier wacht ik vol spanning op het boek (verwacht voorjaar 2009) om te zien hoe we kunnen profiteren van de “long tail” en de “free economy”.

Al bij al dus een succes. Vooral dag 2 kon mij bekoren. En ook vooral de keynote speakers. (de snelle sessies tussenin vond ik vaak wat flauwtjes en minder inspirerend – vooral bij de snelle sessies van 7 minuten had je nogal wat sprekers die al een minuut of twee verdeden met zich op voorhand te excuseren voor het feit dat ze maar 7 minuten hadden en ze dus niet zoveel gingen kunnen zeggen…). Tegen dag 2 was ook de catering een beetje op niveau geraakt. Ik had me via vluchtwegen al voorbereid om niet nog een dag met lege maag door te komen en had me al volgepropt met broodjes voor de massa binnenkwam, maar dat bleek nu niet meer nodig. Er waren extra tafels voorzien en medunkt ook een groter aanbod. Ook weer wat ex-collega’s ontmoet voor een leuk gesprek. Ook leuk: overal WiFi in het gebouw, zodat een mens wat mails kon doen bij mindere sessies en overal frigootjes met cola zero.

Die Welle

Die Welle

Een week of wat geleden gaan kijken naar Die Welle. De film is gebaseerd op een experiment van de geschiedenisdocent Ron Jones op Cubberly High School in Palo Alto (V.S.) in 1967. Tijdens zijn lessen kreeg Jones van leerlingen de vraag voorgelegd hoe het mogelijk was dat iemand als Hitler zo’n aantrekkingskracht had op mensen. Toen hij het antwoord op die vraag schuldig moest blijven startte hij de week daarna een experiment.

Dit experiment verliep veel beter dan verwacht. Na een paar weken was er een beweging in het leven geroepen, ‘The Wave’, waarvan de leden op zoek waren naar een sterk gemeenschapsgevoel en een gezonde werk-discipline. Maar al spoedig werd de beweging een doel op zich. Tegenstanders van ‘The Wave’ werden vijanden en oude vriendschappen werden beëindigd. Kritiek op ‘The Wave’ werd beantwoord met agressie en intimidatie.

Op maandag herordende leraar Jones het klaslokaal, zette het licht wat minder hard en speelde muziek van Wagner. Op het bord schreef hij het woord “discipline”. De leerlingen moesten rechtop zitten in hun stoel, met de handen strak op de rug.

Op dinsdag begon Jones met een speciale groet, gebaseerd op een golf. De beweging werd bekend als “De Derde Golf”. De leerlingen moesten die groet gebruiken als ze elkaar zagen buiten de klas.

De lessen gingen over van discipline naar “kracht door gemeenschap” en later “kracht door actie” Tegen het midden van de week waren al 60 studenten betrokken bij het project, tegen het einde van de week al meer dan 200. De andere leraars en de directeur keken van op de zijlijn toe.

Het werd pas echt gevaarlijk toen enkele studenten het tot hun taak gemaakt hadden om anderen aan te geven, als ze niet conform de voorschriften leefden. Na 4 dagen liep De Golf al uit de hand. Jones begon te vrezen voor de veiligheid van enkele studenten die niet mee wilden doen. Tot zijn verbijstering werd zijn project zo blind en rigoureus gevolgd dat hij het stillegde.

“Initially I just wanted to show my students how powerful the pressure to belong can be, but the exercise got out of control. A momentum began to build that I couldn’t slow, or even deter. I became frightened by the day-to-day happenings in class, and was forced to call it off,”

In een mum van tijd was Jones het onderwerp van nationale controverse. We weten hoe dat gaat. Over kindertjes blootstellen aan de harde realiteit van het leven en de verwoestende invloed van video’s games op onze kinderen. Voor sommigen was hij een vernieuwende held en leraar, voor anderen een gevaarlijke zot en communist.

Maar vooral waren de mensen gechoqueerd dat de mentaliteit die leidde tot de Holocaust zich zo snel kon ontwikkelen in een lieflijke all-American omgeving in de academische stad waar ook Stanford University zit.

Jones schreef zijn verhaal neer. Het werd verfilmd tot de televisiefilm The Wave. De Duitstalige remake “Die Welle” volgt het verhaal van The Wave op de voet, al zijn er een paar, deels essentiële, verschillen. Was de uitgangsvraag in The Wave waarom Hitler zo’n aantrekkingskracht op mensen had, in Die Welle staat de vraag centraal of ook anno 2008 een autocratie nog mogelijk is.

Belangrijker is het verschil in afloop van beide films. In The Wave confronteerde de leraar zijn leerlingen uiteindelijk via filmbeelden met de man die hij hun voorstelde als hun eigenlijke leider, Hitler zelf. Deze onthulling choqueerde de leerlingen zeer en velen barstten in huilen uit. In die Welle is de afloop dramatischer. De jongen, voor wie Die Welle het meest belangrijk was geworden, schiet zichzelf door de keel. Daarmee laadt hij een groot schuldgevoel op de leraar die het experiment is begonnen.

Een fijne film voorwaar. Goed gespeeld ook. Soms vond ik het vlotte hedendaagse sausje wat teveel erbij getrokken, zeker als die welle zich door de stad verspreidt om overal hun logo te gaan taggen en stickeren. De geloofwaardigheid heeft het op dat moment wat moeilijk. Maar altijd goed om nog eens tot besef te komen dat we niet al moralistisch moeten denken over onszelf en onze ontwikkeling en vooruitgang. Doet me ook denken aan de intrigerende film “das experiment” over de samenleving en uit de hand lopende machtsverhoudingen in een gevangenis.

Trailer via Youtube:

Snelheid

De snelheid van deze wereld blijft me verbazen. Ik had nog wat tickets over voor een seminarie. Even gepost bij de buddies van LinkedIn als vroeg Sinterklaascadeau, met belofte dat de eerste 4 reageerders een ticket van 395 euro konden winnen.
Binnen de drie minuten al zes reacties. Hopla! Alsof die allemaal met gespannen spieren in de startblokken van hun mailbox stonden te wachten op die uitnodiging. Zelf ben ik meestal de helft van de dag uithuizig, en lees ik linkedin posts wel eens rustig ‘s avonds of in het weekend thuis.

En nu valt natuurlijk te verwachten dat de mensen die beter te doen hebben dan de hele dag aan hun mailboxen en sociale website hangen, me in de loop van de avond nog zullen verzoekjes sturen. Dat zal replyen worden naar die nodeloos opgegeilde mensen.

Boogschietinge Part VI – achteraf

Tsja,
geen tanden uit mijn mond geklopt deze sessie. Dat is al een hele verbetering bij vorig jaar.
Niet zonder onverholen trots kan ik me opnieuw ongeslagen schutterskoning verklaren.
(van de spanning en fysieke diepgang -of zoiets- wel lelijk wakker gelegen tot 04u00)
Ondanks de late wussie-opgave van PowerPetie, vlogen de kallen in het rond dat het een lieve lust was.
Bedenking van de dag: cola salamanderen werkt niet bevorderlijk voor het lichamelijk welzijn.

CO2 blazen

Zoals ik me vroeger tijdens de lessen economie wel eens hoofdkrabbend afvroeg hoe dat allemaal aan elkaar hing en dat er nooit genoeg dekking door goudreserves kon zijn en zo (heden al wat minder, na wat beursrectificaties…) zo kijk is nu wel eens vertwijfeld naar de CO2-uitstoot van wagens. Vroeger was ik daar niet zo mee bezig (ik deed ook bijna alles met openbaar vervoer en de fiets), maar sinds automerken zoveel aandacht besteden aan hoe weinig uitstoot hun auto’s hebben, valt het me op hoeveel ze eigenlijk uitstoten.

Mijn Volvo V50 zou 135gr per kilometer produceren. Mijn plastisch werkend brein denkt dan altijd meteen aan 100 gram zwarte bloem of suiker die op de weg gestrooid wordt. Sinds ik ermee rondrijd, net iets langer dan een jaar, heb ik zo’n 40.000 km gereden. Dat wil zeggen dat ik 5.400 kilogram stof op de autowegen en groene weiden heb gesproeid. 5,4 ton!!! Als ik dat probeer te visualiseren in zakjes bloem van een kilo, dan krijg ik het toch wat angstig in mijn hoofd. En ik ben dan zo maar 1 kleine mier die af en toe tussen duizenden anderen op de ring van Brussel of Antwerpen sta te schuiven, maar voor de rest zo weinig mogelijk de auto gebruik.

Waar gaat dat allemaal naartoe eigenlijk? Met zo’n uitstoot zou je verwachten dat de autostrades vol liggen met zwarte bergen vuil. Smeulende hopen smeerlapperij. Maar dat is zo niet. Ik zie nergens zelfs maar het kleinste hoopje zwart poeder liggen.

Onze mooie witte kerken worden wel potzwart natuurlijk, zodat we ze om de 5 jaar moeten zandstralen. En het water waarmee ik de ruiten heb gewassen is ook pekzwart. Is dat dan die koolstofdioxide? Maar er moet toch veel meer zijn? Of eten regenwormen dat allemaal properkes op als het geregend heeft en rijden er ‘s nachts kabouters in besmeurde overalls rond met volgehoopte kruiwagentjes fijn stof dat in de avonduren is neergedaald.
Of hebben we geluk en voert de wind dat allemaal met de Vlaamse Noorderwind over de Midellandse Zee naar ginderachter in Afrika. En moeten we de zwartjes daar ook allemaal eens gaan zandstralen. En liggen er daar dan hopen vuiligheid? Of blaast alles dan weer verder naar de inuit die sowieso al zwarte sneeuw zien?

ik vraag het me soms af.

pissebedden

Omdat ik me laast afvroeg in hoeverre pissebedden een positieve rol te vervullen hebben in mijn tuin, dan wel een veeg teken zijn van verval, verrotting en verdoemenis, ging ik even op zoek naar meer info over dit beestje. Een kreeftacthige! 7 paar poten! Ademt via de achterpoten!
Een uitgebreid verslag van de pissebed (enzijn rol als actief deel van mijn compostvat achterin de tuin) vind hieronder:

Pissebedden (orde Isopoda) zijn de enige op het land levende kreeftachtigen. Het blauwgrijze of zwartbruine lichaam is 1 tot 2 cm lang, de rugzijde is min of meer bol, de buikzijde enigszins hol. Kop en achterlijf zijn klein. Het borststuk bestaat uit zeven harde, elkaar overlappende platen die het dier evenwel niet waterdicht afsluiten. Verdamping maakt het dier daarom extra gevoelig voor droogte en zonlicht. Pissebedden bezitten 7 paar poten. De meeste soorten vervellen gedurende hun leven tien maal en telkens wordt de afgeworpen huid door het dier zelf opgegeten. De ademhaling vindt plaats via sterk vertakte adembuisjes die langs de achterpoten lopen. Ze monden uit in een soort kieuwen die als witte vlekjes herkenbaar zijn tussen de het laatste paar poten. De kieuwen en de ingeademde lucht moeten steeds vochtig zijn. Geen toeval dus dat we pissebedden steeds terugvinden op vochtige plaatsen: onder stenen, tussen bladeren … en dat ze vooral ‘s nacht tevoorschijn komen. In de compost treffen we pissebedden eigenaardig genoeg meestal aan in de drogere buitenkant van het materiaal. Dat heeft te maken met twee factoren. Enerzijds kunnen de pissebedden met hun log pantser zich moeilijk als een worm binnenin de vochtige composterende massa wringen, in de meer uitgedroogde buitenste luchtige zone kunnen ze zich beter voortbewegen. Anderzijds kunnen ze op die plaats wel genieten van de vochtige lucht die door het hart van de compost wordt verdampt.
Afhankelijk van het milieu waarin de dieren leven, voeden ze zich met rottende planten, resten van dode dieren of ander organisch materiaal zoals hout dat ze kunnen verteren met behulp van een speciaal enzym dat cellulose afbreekt.
Leven ze op zeer voedselarm afval dan laten ze hun voedsel twee maal door hun verteringskanaal passeren om er zoveel mogelijk voedende bestanddelen uit te halen.
De twee meest algemene pissebedden in Europa zijn de gewone pissebed, een klein zwart diertje met twee rijen gele vlekken op de rug, en de kelderpissebed, een blauwgrijze soort. De rolpissebed kan zich als een gordeldier oprollen en beschermt zich aldus tegen vijanden en uitdrogen.

Papegaai

Ik heb altijd met een geamuseerde blik gekeken naar belspelletjes op tv. Gaande van ultrasaaie stupide kwisjes, over kotsende en verder lachende presentatrices tot poepsimpele vragen waar onbegrijpelijk geen correct antwoord op leek te komen. Dat onbegrijpelijk een beetje tussen haakjes, want een mens die al eens zijn boerenverstand gebruikt beseft al snel dat daar wat bedrieglijke communicatie aan de gang was.

Met de nieuwe wet op kansspelen – en de achterliggende onderzoeken door de commissie op kansspelen – werd een en ander al wat concreter. Dat het niet kon zijn dat het drie kwartier duurder eer iemand de tropische kleurige vogelsoort kon raden met volgende letters: “pap?gaai”, was snel duidelijk. De nu bekende omvang van de fraude doet wel wat zeer aan de ogen. Van de mensen die bellen naar die telefoonnummers wordt zowat 0.3 procent doorgeschakeld met de presentator in de live-uitzending. Ha! En al de rest wordt afgeblokt. Natuurlijk wel na 2 euro van hun rekening te grissen. Geen wonder dat die presentatoren minutenlang moeten zwanzen om de tijd te rekken tot nog eens iemand de kans krijgt. Waarbij die iemand nogal vaak slaat op een lid van de kleine groep mensen die een beetje verslaafd zijn aan deze spelletjes. Iets meer dan drie procent van de bellers is goed voor dertig procent van de omzet. Sommigen bellen ruim honderd keer per spel. Want het kan toch niet dat niemand de papegaai herkent in dat woord? Snel nog even bellen…

Om dat risicogedrag een beetje in te perken krijgen mensen die meer dan 50 euro per dag opdoen (per dag!!!) krijgen een brief die hen vriendelijk zegt dat ze een beetje overdrijven, samen met een folder van de kansspelencommissie over de risico’s van vuile verslavingen en zo. Daarnaast zijn er ook een paar strakkere reguleringen die zorgen dat er minstens bijvoorbeeld elke minuut iemand tot bij de presentator moet geraken (in plaats van een stuk of drie per uur). Door deze strengere wetgeving valt te verwachten dat de belspelletjes stilletjes zullen verdwijnen. Toen de Nederlandse producenten van belspelletjes een gedragscode aannamen daalde de omzet meteen met de helft. Een omzet die in België jaarlijks meer dan 60 miljoen euro oplevert. Niet te versmaden natuurlijk. Belspelletjes zijn als het ware een commerciële sector op zichzelf.

Golden Earring – Stranglers

Het moet gezegd: we hebben weer twee fijne concerten gezien de laatste dagen. Vooreerst The Golden Earring akoestisch in de schouwburg van Kortrijk. Hoewel die mannen alweer wat van leeftijd zijn, is het toch zalig te zien hoe ze nog steeds als stevige rockers het podium overheersen. Snoeihard en loepzuiver tot op de milliseconde. En wat daar uit een gitaar geperst wordt doet me nog steeds smachten naar een paar extra handen. Of zelfs twee paar extra handen. En als ik tegen de zestig aanloop wil ik ook nog wel zo’n stem als een klok hebben zoals Barry.
Na het concert kwam Barry zelfs nog speciaal eens met ons babbelen; een voorrecht dat de rest van de uitverkochte schouwburg niet was gegund. Daar moet ik trouwens een andere keer een stukje over schrijven; want die ontmoeting kan best wel in het boekje met gedenkwaardige momenten. (Al moeten we Heidi volgende keer misschien wel verstoppen als Niko er nog mee getrouwd wil raken later dit jaar!).

Vier dagen later zagen we nog een set van oudere glorie: The Stranglers kwamen even in Ieper een set spelen. Het was een beetje een vreemd gegeven. Ik had ook maar via Niko gehoord dat ze kwamen spelen en er verder niet echt veel van gehoord. Dat was blijkbaar een beetje de bedoeling. Hoewel hun vorige concert nog voor een volle bak was in Parijs, stonden ze hier in het cultureel centrum in de Lakenhalle te spelen alsof het een try-out was voor een parochiezaaltje in Heule of Poelkapelle. Maar ze gingen er niet minder hard voor door de bocht. Een hoop nummers uit hun trouwens zeer goede nieuwe CD “Norfolk Coast”, geflankeerd met de klassierkers als Golden Brown en No more Heroes. Alles met een fantastisch enthousiasme, recht vanuit de sixpack-buik van de zanger die ons met een open hemd een ruime blik gunde op zijn fijn gespierde lijf.
Jammergenoeg wilden ze op het laatste moment dan toch niet meer meewerken aan een video-interview, zodat ons enige fijne herinnerigen ontsnapten.

Marcobiotische rijsttaart

Op een dag heeft een mens wel eens zin in een stuk rijsttaart. Ik toch. Ik zou wel elke dag rijsttaart kunnen eten. Gezien ik wel wat tijd had gisteren en gezien de taarten in de winkel altijd zo verschrikkelijk veel suiker en rommel bevatten, besloot ik er nog eens eentje zelf te maken.
Het uitgangspunt was alweer eens: geen suiker en geen dierlijke producten. Dat wil dus zeggen ongeveer zonder 90 procent van de normale ingredi?nten als suiker, eieren, melk, boter, …
En toch. Toch hadden tegen de avond een lekkere taart op basis van volwaardige biologische zilvervliesdessertrijst, rijstmelk en wat kruiden. Lekker gezond snoepen. Voor de rest van de wereld enkel de foto:

biorijsttaart
En zoals je kan zien, ook met een fijn yin-yang pakua-motiefje erop. In ieder geval smaakten de I-Tsjing symbolen ook zeer goed!

Een hele smeete fijne gezichten van her en der bij de fotogalerij gezet. Vrienden, familie, vreemden…
In de Fotogalerij.

Putten en dukken

Vannacht bij het inslapen was ik wat aan het mijmeren over het woord “dutten” en “tukken” als dat laatste al bestaat. Ik moest denken aan het vroegere anagram voor de PTT: “Putje delven, Tentje zetten, Tukje doen”. Wat me toen plots te binnen schoot: de laatste jaren zie ik nooit meer zo’n tentjes! In mijn herinnering zijn het van die vrolijk gestreepte oranje-achtige tentjes aan een aarden put, waar dan elektro-mannetjes onder werkten aan leidingen binnen de graafwerken. Maar waar zijn die tentjes gebleven?
Ik veronderstel dat het niet is omdat je op de Post of Belgacom geen grapjes meer kan maken over slapen of tenten zetten dat ze er niet meer zijn. En ik zie ook niet meteen een moderne versie. Bijvoorbeeld een aluminium bouwsel of een multifunctionele container die de werklieden warm en droog houdt.
En toch worden er nog putten gedolven. Meer dan ooit lijkt me zelfs. Hele straten moeten open voor de zoveelste leiding of kabel, enorme graafmachines scheuren elke pasgelegde straat na enkele dagen weer open, trucks met aarde denderen dagelijks donderend onder mijn ramen voorbij… Krijgen de werkers gewoon geen beschutting meer van de staat? Wordt er niet meer gewerkt buiten optimale omstandigheden met zon en warme lucht? Ben ik selectief blind geworden voor vrolijke gestreepte oranje tentjes? Kan alles nu in een voormiddag? Of slapen de ex-PTT’ers gewoon nooit meer?

Staande Wip

Laatst verloor ik op een beetje van een stomme wijze een tand. Voor een keer niet in een wild straatgevecht of in een uit de hand gelopen activiteit van de extreme sports club. Hoewel dat wel gekund had. We waren die laatste avond van oktober naar jaarlijkse gewoonte gaan boogschieten op de staande wip in de Willem Tell in Kortrijk. Gezien het nogal donkerbruine politieke gedachtegoed dat daar aangehangen wordt zien ze me daar anders nooit, maar voor Frakke en zijn schutters wil ik altijd wel een uitzondering maken. Temeer daar ik zelf eigenlijk wel fan ben van boogschieten. Al schiet ik meer stijl liggende wip (de katten van de buren) dan staande wip (de vogels uit de boom van de buren). Normaalgezien drink ik ook niet terwijl ik schiet. Dat was hier wel even anders. Maar laten we daar niet verder over uitweiden, al kan het misschien best in het achterhoofd gehouden worden om de rest van de gebeurtenissen beter te kunnen kaderen.

Terug naar de avond zelf. We schieten wat pluimen af (u raadt zelfs zonder deze retorische vraag wie de topschutter was) en drinken wat pinten. Daarna is er nog een kleine huldiging en viering van dit lustrum in een nabijgelegen café. De Willem Tell is ondertussen gesloten. Hongerig door al dat jagen met pijl en boog wordt besloten om nog een nachtelijke hap in ons hoofd te duwen.
En dan gebeurt het. Terwijl ik wegrijd op mijn fiets, word ik achtervolgd door een schutter die geen fiets meeheeft. Veel tijd om na te denken hoe hij hier dan geraakt is heb ik niet want reeds grijpt hij mijn bagagerek al lopend stevig vast. Mijn waarschuwende schreeuw om er niet op te springen sorteert niet het gewenste effect. In volle vaart en beneveld door drank springt de achtervolger achterop. Meteen kletsen we samen met een doffe smak op het asfalt. Mijn hoofd bonkt hard op de straat. Even blijf ik verdoofd liggen. Dan kruip ik recht en strompel naar de stoep om zittend bij te komen. Mijn hoofd bonkt en mijn gedachten lijken van erg ver te komen. Bewegende schaduwen. Frank vraagt of alles OK is. Hmmm… Welja, alles OK!

Wat later besluit ik de nachtelijke voedering over te slaan en rijd ik meteen door naar huis. Onderweg wordt langzaam de schade duidelijk. Mijn jas en pull zijn gescheurd en opengereten. Mijn jeansbroek heeft een gat. Mijn fiets heeft een hoop glans, metaal en rubber verloren in de valpartij en mijn lichaam doet zo’n beetje overal pijn. In de badkamer spuw ik een stuk tand uit (3/4e van de tand is afgekraakt van de klop op de grond). Mijn armen en benen hebben schaafwonden en plakken bloederig vast in mijn kleren. Mijn een pijnlijke grimas trek ik textiel uit het geronnen bloed. De volgende dagen zullen blauwbruine plekken over heel mijn lichaam duidelijk maken hoeveel lichaamsoppervlak je zowat gebruikt bij een gemiddelde val van je fiets. In de auto kruipen en gaan zitten op stoelen en wc is een weekje redelijk lastig.
Vandaag had ik het grootste deel van de dag een erg idiote grijns op het gezicht. Veel collega’s keken me vreemd aan als ik met ze sprak. Tot ik ze uitleg dat mijn mond verdoofd is. Vanochtend naar de tandarts geweest. Er was teveel tand verdwenen om gewoon op te vullen met een of ander amalgaam. Niet genoeg resterend materiaal om iets aan vast te hechten. Dus werd de tand ontzenuwd, draaide de tandarts er een stevige schroef in en bevestigde daaraan een plombering. Nu de verdoving uitgewerkt is wordt het al wat pijnlijker. Gelukkig moet ik nu de komende dagen niet meer de hele dag met mijn tong langs scherpe stukken afgebroken tand glijden, met een rauwe en licht gerafelde tong tot gevolg. En ik kan weer eten langs twee kanten!

bloederinge tand

Het zal wel een duur avondje schieten geweest zijn. Een windjas van The Northface, een dikke gevoerde winterpull, een beschadigde Gazelle-fiets, 172 euro waard aan tandheelkundige ingrepen (en schroeven, die wellicht niet van den brico komen), geschraapte Trippen en een pols waar ik nog eens naar moet laten kijken. Naar mijn gevoel is daar een stukje bot van gebroken onder mijn duimmuis. Maar voor de eer en glorie van topschutter van het jaar moet je wat overhebben natuurlijk.

MBA in een dag

MBA Ben Tiggelaar

Gisteren op invitatie van het fijne blad “Bizz Magazine” naar Ben Tiggelaars “MBA in een Dag” geweest in het Casino Kursaal in Oostende. Zelf ging ik er wellicht niet meteen de vereiste 500 Euro voor ophoesten, maar het was meer dan fijn daar aan zee. Om te beginnen het idee alleen al: organiseer een marathonsessie waarop je alle grote managementdenkers van de voorbije decennia in turbotempo door de zaal jaagt. 8 uur presentatie door Ben Tiggelaar (die eerder al een serie serieus sterk verkopende boeken heeft geschreven). Voor wie twijfelt of daar een publiek voor is: er zat daar ongeveer 1300 man aandachtig te zijn.

Je kan Tiggelaar niet verwijten dat hij vergeet om er wat show in te steken. Een stevige soundtrack die ik me herinner van The Matrix, zonder terughoudendheid knalhard door de boxen, melo-videootjes met Paul Potts, interventies door CEO’s (Van Thillo; Sickinghe, Van Eetvelt, een live connectie met Philip Kotler uit Chicago, aluminiumreepjeskanonnen, en nog meer moois. Maar het moet gezegd: ik was daar van 8u30 tot 19u30 en ik heb me geen seconde in een dip gevoeld. En daar heb ik wel respect voor. Ik kan legio voorbeelden geven van professors van de KU Leuven of de UFSIA die al na tien minuten managementles mijn aanwezigheid volledig hadden herleid tot een schamel hoopje ongeïnteresseerde ellende. Maar niet hier: uren aan een stuk op serieus tempo doorgaan. Ik kan er nog veel van leren voor eigen presentaties wat betreft podiumgebruik, aandachtstrekkers, humor, intonatie en afwisseling.

Ook de inkadering was af. Peter Hoogland levert mooi werk in zijn Kursaal. Zeer attente opvang, parking, catering,… Als ik hier nog eens iets groots moet organiseren denk ik nog wel eens aan Oostende. Zeer tevreden van mijn dag daar dus zoals je hoort, al had ik wel stiekem gehoopt om tijdens de receptie nog een praatje te kunnen doen met Steven Feys. Ik had hem al gemist op de Marketeer van het Jaar in Zellik eerder deze maand en hoopte dat hier goed te maken. Mocht niet zijn.